Lesobservaties zijn een krachtig instrument voor kwaliteitsontwikkeling in het onderwijs. Ze kunnen docenten helpen om zicht te krijgen op hun sterke punten, gerichte ontwikkeldoelen te formuleren en stap voor stap te groeien in hun lespraktijk. Tegelijkertijd kunnen observaties een rol spelen bij beoordeling, bijvoorbeeld in het kader van functioneren, bekwaamheid of personeelsbeleid.
De app EQObserve heeft sets met indicatoren voor coaching, naast sets met indicatoren die bedoeld zijn voor beoordeling. Zowel coaching als beoordelen maken gebruik van informatie over lesgeven, maar zij dienen niet hetzelfde doel. Juist daarom is het van belang om beide functies zorgvuldig van elkaar te scheiden.
Coaching draait om de vraag: hoe kan de docent verder groeien?
Een coachingsgesprek vraagt om openheid. Een docent moet kunnen bespreken wat lastig is, welke situaties minder goed gingen en waar hij of zij ondersteuning bij nodig heeft. Observaties vormen dan geen eindpunt, maar een vertrekpunt voor professionele ontwikkeling. De gegevens worden gebruikt om patronen zichtbaar te maken, concrete doelen te stellen en vooruitgang te volgen.
Beoordeling draait om een andere vraag: voldoet de docent aan vooraf afgesproken normen en verwachtingen?
Bij beoordeling gaat het om een onderbouwd oordeel. Dat vraagt om heldere criteria, zorgvuldige procedures en voldoende betrouwbare informatie. Een formele beslissing kan gevolgen hebben voor bijvoorbeeld inzetbaarheid, taakverdeling, loopbaanontwikkeling of functioneren.
Wat zegt de wetenschap hierover?
Onderzoek naar professionele ontwikkeling van docenten laat zien dat coaching sterk is wanneer lesobservaties formatief worden ingezet: als bron voor gerichte feedback, meetbare ontwikkeldoelen en terugkerende reflectie. In coachingmodellen waarin observatiegegevens worden gebruikt om verbetering zichtbaar te maken, blijkt dat docenten hun onderwijspraktijk gericht kunnen versterken.1
Ook bij het ontwikkelen van observatie-instrumenten is het onderscheid relevant. Een instrument dat bedoeld is voor formatieve coaching moet docenten helpen begrijpen wat zij kunnen ontwikkelen en hoe zij daarin stappen kunnen zetten. Dat vraagt om rijke feedback en zicht op groei, niet alleen om een score of classificatie.2
Veiligheid is geen bijzaak
Professionele groei vraagt om psychologische veiligheid. Een docent moet kunnen zeggen: “Hier loop ik tegenaan”, “Dit lukt mij nog niet voldoende” of “Ik wil dit anders leren aanpakken.” Dat lukt wanneer de coach naast de docent staat en niet tegelijk degene is die een formeel oordeel velt. De coach kan dan doorvragen, samen analyseren en helpen om kleine, haalbare verbeterstappen te formuleren. De nadruk ligt niet op afrekenen, maar op leren.
Dat betekent niet dat scholen geen beoordeling nodig hebben. Integendeel: zorgvuldig beoordelen is belangrijk. Maar beoordeling verdient een eigen, transparante en betrouwbare inrichting.
Een sterk systeem werkt met twee sporen
Een school die zowel ontwikkeling als kwaliteit serieus neemt, organiseert observaties idealiter in twee onderscheiden sporen.
In het coachingsspoor staat de ontwikkeling van de docent centraal. Observaties worden gebruikt om feedback te geven, doelen te formuleren, voortgang zichtbaar te maken en het professionele gesprek te verdiepen. De docent houdt daarbij een actieve rol in de keuze van ontwikkelpunten en de interpretatie van de observatie.
In het beoordelingsspoor staat een zorgvuldig en onderbouwd oordeel centraal. Daar horen duidelijke beoordelingscriteria, meerdere gegevensbronnen en een procedure bij die recht doet aan de betekenis van het oordeel. Een goede beoordeling is geen momentopname, maar een beredeneerde conclusie op basis van voldoende informatie.
Wat betekent dit voor EQObserve?
EQObserve ondersteunt scholen om lesobservaties doelgericht en zorgvuldig in te zetten. De applicatie heeft een aantal sets indicatoren die bedoeld zijn voor coaching. De observator legt vast wat er gebeurt, zonder likert-score, oordeel of opvatting. De data over een lesobservatie in de context van coaching zijn slechts zichtbaar voor de coach en de geobserveerde docent. De schoolleider ziet slechts een geaggregeerde weergave, die nooit te herleiden is tot een individu.
Er zijn daarnaast binnen EQObserve sets indicatoren die bedoeld zijn voor het beoordelen van docenten.
De kern is eenvoudig: wie wil dat docenten zich ontwikkelen, moet ruimte creëren om te leren zonder oordeel. Wie wil beoordelen, moet zorgvuldig bewijs verzamelen.
Coaching en beoordelen kunnen elkaar dus versterken, maar alleen wanneer duidelijk is welk doel op welk moment centraal staat.
1 Fabiano, G. A., Reddy, L. A., & Dudek, C. M. (2018). Teacher coaching supported by formative assessment for improving classroom practices. School Psychology Quarterly, 33(2), 293–304. https://doi.org/10.1037/spq0000223
2 Van de Grift, W. J. C. M., Houtveen, T. A. M., Van den Hurk, H. T. G., & Terpstra, O. (2019). Measuring teaching skills in elementary education using the Rasch model. School Effectiveness and School Improvement, 30(4), 455–486. https://doi.org/10.1080/09243453.2019.1577743